Geen kwestie van geloven, maar zien dat het werkt

door Ruth van Kessel, NML health

Helaas is het nog steeds vaak zo dat als het om reguliere of natuurlijke geneeswijzen gaat, mensen het gevoel hebben dat ze moeten kiezen. Of het een of het ander, is vaak het credo. Nergens voor nodig, zo vindt Steven Schukking van Dierenkliniek Kortenoord in Wageningen. ‘Reguliere en natuurlijke diergeneeskunde vullen elkaar goed aan en kunnen in een goede synergie gelijktijdig aangewend worden.’ Dat bewijst hij dagelijks in zijn praktijk.

Steven Schukking is de enige homeopathisch werkend dierenarts in Dierenkliniek Kortenoord. De andere dierenartsen in de praktijk, die Schukking in 1990 met zijn toenmalige collega’s startte, hebben de reguliere diergeneeskunde als uitgangspunt. Met elkaar delen zij de visie dat natuurlijke geneeswijzen als homeopathie en fytotherapie in veel gevallen een goede aanvulling en vaak een beter gezondheidsperspectief bieden voor het dier. Schukking: “Ik merk in de praktijk dat in de acute gevallen een reguliere aanpak het beste werkt. Bij chronische aandoeningen of recidiverende klachten bereik je met een natuurlijke aanpak - met homeopathie, fytotherapie en supplementen - beter de oorzaak van de aandoening en klacht.”

Je spreekt van een natuurlijke aanpak, waarom niet alternatief?
“Binnen de groep veterinair homeopaten hebben we onlangs de discussie gevoerd hoe we onze benaderingswijze zouden moeten noemen. Uiteindelijk is er gekozen voor de term geneeswijze op ‘the natural way’. Eerlijk gezegd voel ik me niet thuis bij deze Engelse term en kies ik liever voor het Nederlandse ‘natuurlijk’. Want dat is het. Bij een natuurlijke aanpak gebruiken we de kruiden en mineralen uit de natuur. Alternatief vind ik ook geen goede term, omdat je dan meteen in een zweverige hoek wordt weggezet. En dat is het natuurlijk niet. Kruiden en mineralen zijn ook voor veel reguliere medicijnen de basis, waarbij de homeopathie al veel ouder is. Het is jammer dat er nog zoveel weerstand tegen bestaat: aan homeopathie, supplementen en fytotherapie is niets alternatiefs en zweverigs.”

Een gebrek aan wetenschappelijke onderbouwing?
“Dagelijks zie ik in mijn praktijk hoe een natuurlijke aanpak bij dieren werkt, daar heb ik geen wetenschappelijke onderbouwing voor nodig. Neem de auto-immuunziekte SLO (Symmetrische Lupoide Onychodystrofie) waarbij de nagels worden afgestoten door het lichaam en weer misvormd teruggroeien. Die behandel ik zuiver homeopathisch en ik durf te zeggen met bijna altijd succes. Alleen duurt het soms wat langer, maar je hebt niet de ellende van de reguliere aanpak waar ze zelfs soms kiezen voor cytostatica, met de daar bij behorende bijwerkingen: een doodzieke hond.”

Hoe is jouw vertrouwen in natuurlijke aanpak gegroeid?
“In 1980 toen ik begon met de opleiding tot reguliere dierenarts kwam ik in de praktijk terecht waar ook homeopathisch werkend dierenarts Atjo Westerhuis werkte. Dat was ook hier in Wageningen. Atjo kun je beschouwen als de grondlegger in Nederland van de homeopathie bij dieren. Aanvankelijk stond ik als jong broekie een beetje sceptisch tegenover zijn aanpak. Het zal wel, dacht ik, als reguliere dierenarts in spé. Maar ik heb door hem ontdekt dat als je op de reguliere weg soms vastloopt in je behandeling en niet verder kunt, je met homeopathie vaak wel wat bereikt. Neem bijvoorbeeld gedragsafwijkingen. Regulier kun je met tranquilizers de scherpe randjes eraf halen, maar je doet niets aan de basis. In die gevallen raadpleegde ik dan Atjo en dan zei hij gebruik maar eens dat en dat middel. En zo kreeg ik de ervaring dat ik met homeopathie vaak raak schoot en resultaat kreeg, waar ik anders stagneerde in een behandeling.  Ik ging me er steeds verder in verdiepen en zie het nu als een waardevolle aanvulling in de diergeneeskunde.”

Door het effect van homeopathie bij dieren ben je veranderd in je aanpak?
“Klopt. Ik kom uit een nest van ‘meten is weten’, mijn ouders hebben allebei gestudeerd en hebben niets met homeopathie. Mijn vrouw is toxicologe, als er nou iets is wat zuiver gaat voor bewijzen dan is dat wel de discipline. Ook verder in mijn familie zijn ze vooral van de reguliere benadering als het om geneeswijzen gaat. Maar grappig genoeg is het wel zo dat mij steeds vaker om advies wordt gevraagd als ze daarin vastlopen. Dat geef ik met plezier en met hen ben ik blij als het goed uitpakt. Maar ik zal dan nooit zeggen: zie je wel!”

Maar nooit het bewijs dat het succes door het middel komt?
Soms zeggen sceptische mensen bij wie ik bijvoorbeeld de huidklachten van hun hond behandel met natuurlijke middelen ‘misschien was de klacht zonder dat middel ook wel over gegaan’. Dan zeg ik goed, dan stoppen we er mee. En dan zie je dat de huidklachten weer terugkomen en start je in overleg opnieuw met dat middel. En kijk, hij doet het weer. Ik laat mensen zelf de conclusie trekken. Ik zal nooit mensen proberen te overtuigen je moet met natuurlijke middelen aan de slag, laat ze er zelf maar voor kiezen en zelf hun conclusies trekken. Dieren reageren veel objectiever dan mensen, dus dat is eigenlijk het bewijs dat een middel wel degelijk wat toevoegt. Elke casus is een bewijs.”

Je bent je verder gaan verdiepen?
“Al heel snel na mijn opleiding diergeneeskunde ben ik gestart met de SHO, een vierjarige opleiding in de homeopathie voor artsen, tandartsen en dierenartsen. Ik heb er later zelfs een paar jaar aan lesgegeven. Het was een pittige opleiding en de basis voor mijn werk als homeopathisch werkend dierenarts.”

Wat is nu jouw eerste insteek bij een ziek dier?
“De acute patiënt wordt eigenlijk altijd primair regulier behandeld. Maar op het moment dat een dier voor een tweede of een derde keer terugkomt met dezelfde problemen, dan kies ik voor een natuurlijke benadering. Waarom ook niet bij acuut kiezen voor homeopathie, vraag je je dan af? Dat is omdat het effect van homeopathie vertraagd is, de effecten van een behandeling komen later op gang. Je moet wel heel zeker zijn van je diagnose wil je in een acuut geval kiest voor homeopathie. Als voorbeeld noem ik acute diaree. Dan willen mensen snel resultaat zien en snel van de klacht af, ze willen nog niet een nacht met een zieke hond doormaken. Dus kies je voor een snelwerkend middel. Terwijl je eigenlijk nog onvoldoende van de oorzaak af weet. Krijgt zo’n dier dan nog een paar keer diaree, dan is het klaar en wil ik echt weten waar het vandaan komt en de oorzaak aanpakken met homeopathie.”

Moet je baasjes overtuigen?
“Dat komt maar weinig voor. Maar als mensen het niet zien zitten voor hun dier, dan doen we het niet. Ik adviseer mensen voor een bepaalde aanpak, en meestal gaan ze daar wel in mee. Dat komt ook omdat ik beide geneeswijzen omarm en geen geitenwollensokken dierenarts ben. Onze kliniek straalt dat ook niet uit. Een kankergezwel gaan we ook niet behandelen met een korreltje, dat snijden we eruit. Wij kiezen de aanpak waarvan wij denken dat het op dat moment het beste is voor het dier.”

Baat het niet, schaadt het niet?
“Dat hoor je weleens zeggen als het gaat over natuurlijke middelen, maar daar ben ik het absoluut niet mee eens. Als je een homeopathisch middel niet juist inzet, kan het effect weleens averechts zijn van wat je had verwacht. Dat is ook mijn bezwaar dat er door leken naar natuurlijke middelen wordt gegrepen. Je moet weten wat je doet.”

Geef eens een voorbeeld?
“Stel dat een hond braakt en je geeft een homeopathisch middel zonder dat je klinisch onderzoek hebt gedaan en dan blijkt dat de oorzaak in slecht functionerende nieren zit. Als je dan lukraak een antibraakmiddel geeft dan kan het probleem zich alleen maar verergeren. Dat wil je niet en dat moet je voorkomen. Dat doe je door de oorzaak te achterhalen en niet met de symptomen aan de haal te gaan.” 

Je pleit voor meer aandacht voor wetenschappelijke onderbouwing van homeopathie bij dieren?
“Dat zou goed zijn, ook omdat de NVWA steeds strengere regels hanteert. Het mooie van een natuurlijke benadering bij dieren is dat dieren objectief op een middel reageren dan mensen. Zij kennen het placebo-effect niet. Maar wetenschappelijk onderzoek met doelgroepen en testgroepen blijkt in de praktijk lastig te organiseren in diergeneeskunde. Dus tot die tijd zeg ik blijf goed kijken naar een dier, kies voor de juiste aanpak en zie en ervaar hoe je met een natuurlijk middel het dier ondersteunt.”

Hoe ver ga je als dierenarts in een behandeling van een ziek dier?
‘Dat is een ethisch vraagstuk. Ik ben bereid om heel ver te gaan mits er aan een aantal criteria wordt voldaan: Goed eten en drinken; geen pijn; geen benauwdheid; geen jeuk; kunnen lopen; moet zindelijk zijn; heeft een besef van bestaan; moet oude gewoonten kunnen laten zien in gedrag.

Wie is Steven Schukking

Steven Schukking mag zich een autoriteit noemen in het herkennen en de behandeling van aseptische meningitis, in het bijzonder bij de Berner Sennen. Als dierenarts is hij verbonden aan de Nederlandse Berner Sennen Vereniging.
In zijn praktijk in Dierenkliniek Kortenoord in Wageningen – een praktijk voor zowel reguliere als homeopathische diergeneeskunde - wordt hij bij een vermoeden van aseptische meningitis regelmatig geconsulteerd door reguliere dierenartsen. Met Irene Rol van NML health ontwikkelde hij een aantal producten voor de oorspronkelijke homeopathie/fytotherapie serie PUUR.