Kennelhoest, wel of niet vaccineren?

Kennelhoest of hondenhoest is eigenlijk een onschuldige aandoening. Een verkoudheidje of een griepje, meer is het niet. Of toch wel? Is vaccinatie niet een grotere belasting voor een hond dan het doormaken van de ziekte zelf? En speelt de conditie van de hond daarbij een rol?

NML health vroeg de mening van een aantal dierenprofessionals en de autoriteit op het gebied van vaccineren, Dr. Herman Egberink (Faculteit Diergeneeskunde Utrecht, Departement I&I Afd. Virologie en klinische Infectiologie) naar zijn visie op het vraagstuk. Irene Rol sluit af met haar mening.

Zeker op plekken waar meerdere honden bij elkaar komen zoals kennels, asielen en tentoonstellingen wordt vaak gekozen om vaccinatie tegen kennelhoest verplicht te stellen. De WSAVA en brancheorganisatie Dibevo stellen zich in hun advies terughoudend op, en benoemen het als een aanvullende vaccinatie voor plekken waar veel dieren bijeen zijn. Ook stelt de WSAVA dat dieren met kennelhoest dankzij de vaccinatie een milder verloop van de ziekte doormaken. Studies onderschrijven dit.

Er kan gekozen worden voor een vaccinatie via een neusenting of een onderhuidse enting met een geïnactiveerd vaccin (een dood vaccin) tegen de Bordetella bacterie of het Para-influenzavirus. Hierbij heeft de neusenting geen adjuvantia en de onderhuidse enting wel. Het zijn de adjuvantia (hulpstoffen) die een eventuele bijwerking kunnen veroorzaken bij vaccinatie. Omdat het vaccin van de neusenting levend is, bestaat er wel het risico dat een hond in de eerste paar weken een andere hond door niezen kan besmetten met de verzwakte ziekteverwekkers.

De bijsluiter van de nasale vaccinatie waarschuwt ervoor dat gevaccineerde honden nog 6 weken via de neus de verzwakte Bordetella bronchiseptica bacterie kunnen uitscheiden en enkele dagen het verzwakte virus Canine parainfluenza. Daarom is het advies om het contact tussen de net gevaccineerde hond en kwetsbare dieren en mensen de eerste zes weken te vermijden. Bij zeer jonge gevoelige pups waarschuwt de bijsluiter voor een overdosering die bij de gevaccineerde pups kan leiden tot infecties aan de voorste luchtwegen. Deze verschijnselen kunnen de eerste vier weken na de vaccinatie gezien worden. Ook adviseert de bijsluiter uitsluitend gezonde honden te vaccineren.

De bacterie Bordetella en het virus Parainfluenza zijn de belangrijkste verwekkers van kennelhoest. Daarnaast kunnen andere agentia een rol spelen en daar vaccineer je niet tegen. Het is dus niet zo als bij griep dat de bacteriën of virussen telkens veranderen. Een vaccinatie garandeert niet dat een hond geen kennelhoest zal krijgen. Dat is dan ook de reden dat steeds meer hondenbezitters ervoor kiezen om niet te vaccineren tegen kennelhoest, zeker ook vanwege de bijwerkingen van het vaccin zelf. Dieren kunnen door de vaccinatie een milde vorm van kennelhoest doormaken. Is het middel erger dan de kwaal als het toch niet afdoende bescherming biedt? Hoe belastend is de vaccinatie voor het dier gezien de hulpstoffen die het dier met het vaccin krijgt toegediend? De meningen zijn verdeeld.

Bij Marly van Kessel, regulier dierenarts, opgeleid in België, van praktijk Dierenarts van Kessel in Budel, zit de vaccinatie tegen kennelhoest niet standaard in het vaccinatieschema dat zij hanteert. “Eerst de basisvaccinatie, dan vraag ik of een hond wel eens naar het buitenland gaat, want dan is de vaccinatie tegen rabiës verplicht en als laatste breng ik het verblijf in kennels onder de aandacht. Ook hondenscholen kunnen de vaccinatie tegen kennelhoest verplicht stellen. Maar is dat niet het geval en is de aard van het pension of hondenschool kleinschalig, dan zal ik geen advies geven voor vaccinatie, omdat kennelhoest doorgaans een mild verloop kent. Daarbij is het vaccin relatief duur en biedt geen garantie voor het niet krijgen van kennelhoest. Als er toch gevaccineerd gaat worden kiest Van Kessel bijna altijd voor de neusenting, vanwege de snellere bescherming en het feit dat deze ook een lokale immuniteit opwekt. Dat honden na vaccinatie een milde vorm van kennelhoest kunnen doormaken is iets wat de dierenarts niet vaak tegenkomt in de praktijk. Van Kessel: “Eigenlijk komt het erop neer dat je honden wil beschermen tegen de kennelhoest op plekken waar ze meer risico lopen op besmetting. Dat is dus op plaatsen waar veel honden bij elkaar zijn. Opname van het vaccin in een basisenting is daarom niet voor elke hond nodig."

Dat vaccinatie tegen kennelhoest niet standaard wordt gegeven, daar is Herman Egberink, veterinair viroloog en klinische infectiologie, vaccinatiespecialist en docent aan Dierenfaculteit Utrecht het mee eens. Egberink: “Kennelhoestvaccinatie is terecht, zoals ze dat noemen, een ‘non-core vaccin’, dus alleen aanbevolen bij honden die een verhoogd risico lopen om kennelhoest te krijgen. De leeftijd van de hond maakt daar niet zo bij uit: een oudere hond in een thuissituatie zou ik niet vaccineren, maar diezelfde hond die een kennel bezoekt wel. Zij lopen een groter risico op een uitbreiding van de infectie naar de onderste luchtwegen wat kan ontaarden in bijvoorbeeld longontsteking.” Bij jonge honden laat Egberink de leeftijd wel meespelen: “Puppy’s komen bij hondencursussen veel honden tegen van een andere herkomst, die dus andere bacteriestammen bij zich dragen, waar ze minder tegen bestand zijn. Daarbij hebben jonge honden nog onvoldoende weerstand opgebouwd en zijn zij dus meer besmettingsgevoelig.” Studies onderstrepen de ervaringen van dierenartsen dat bij een gevaccineerde hond die toch ziek wordt – en dat kan door een andere variant van een virus of bacterie of door een sterk verhoogde infectiedruk - de kennelhoest een milder verloop kent. “Die dieren hebben toch een bepaalde bescherming en bij hen zal de infectie niet snel ontaarden in een complicatie. Ook door de basisvaccinatie tegen Distemper (Hondenziekte) en het Adenovirus worden honden beschermd tegen ernstige luchtweginfecties en met de toevoeging van vaccinatie tegen kennelhoest in risicovolle omgevingen heb je een grote bescherming voor je hond gerealiseerd.“ Dat vaccineren een aanslag op het immuunsysteem zou kunnen zijn onderschrijft de viroloog niet: “Integendeel. Een vaccin stimuleert juist het immuunsysteem tegen specifieke pathogenen en maakt het juist sterker. In mijn ogen is dat dus geen ondermijning of aanslag op de weerstand van een hond.”

Dierenhotel Marijke in Kamerik met het Dierbaar-keurmerk van Dibevo, stelt vaccinatie tegen kennelhoest verplicht. Ook zij hebben de ervaring dat de vaccinatie geen garantie is voor het voorkomen van kennelhoest in het hotel. Eli de Heer is de eigenaar van het hondenhotel. “Als een hond toch kennelhoest heeft en er risico is voor besmetting voor de andere honden, hanteren wij een protocol: er komen geen nieuwe honden meer op de afdeling, we informeren hondeneigenaren en geven advies om eventueel een hoestdrank aan een verkouden hond te geven. Als de afdeling leeg is zorgen we voor een goede ontsmetting voordat we er weer nieuwe honden plaatsen.” Heel zorgvuldig dus, maar als je het aan De Heer vraagt, zet hij wel wat vraagtekens bij het verschijnsel kennelhoest en de discussie rond vaccinatie. “Dat we het protocol moeten inzetten, komt gemiddeld maar eenmaal per jaar voor. We zijn er wel strikt in dat een hond niet korter dan drie weken ervoor een neusenting heeft gehad, omdat juist in de eerste tijd na de vaccinatie een hond andere honden via niezen kan besmetten en dat is iets waar een dierenarts vaak niet duidelijk over is. Die gaan alleen uit van de bescherming van de gevaccineerde hond zelf en dat leidt tot teleurstellende gesprekken met hondeneigenaren die snel hun hond bij ons willen laten logeren. Wij hebben overigens niet de ervaring dat een hond heel erg ziek is met kennelhoest. Met rust en aandacht is de infectie in de meeste gevallen snel weer over.” 

Als een hondeneigenaar aan holistisch dierenarts Tannetje Koning van dierenpraktijk Oase in Otterlo vraagt naar haar mening over vaccineren tegen kennelhoest is zij duidelijk: “Als het niet nodig is, doe het niet. Ik vaccineer alleen als een hondeneigenaar er om vraagt, meestal omdat een kennel of een hondenschool het verplicht stelt. Anders vind ik het niet nodig en is kennelhoest een onschuldige aandoening die elke hond met een beetje gezond immuunsysteem goed kan doormaken. Als een hond bij mij in de praktijk komt adviseer ik een tijmsiroop om de keel te verzachten in combinatie met laryngodruppels tegen het hoesten en ter ondersteuning van het immuunsysteem. Maar echt, de meeste honden kunnen een infectie zelf goed opvangen en zelden ontaardt het in een longontsteking.” Hoe kijkt Koning aan tegen het gebruik van antibiotica als standaardbehandeling in veel reguliere dierenartspraktijken. “Alleen als dieren echt heel ziek zijn en niet meer willen eten of drinken geef ik antibiotica. Antibiotica is onmisbaar, maar als het niet nodig is moet je terughoudend zijn. Daarbij is bij kennelhoest vaak een virus de boosdoener en helpt antibiotica daar niet tegen en de bordetellabacterie bevecht een hond meestal zelf heel goed. Mocht antibiotica wel nodig zijn, dan ondersteun ik het immuunsysteem en darmflora van een hond, afhankelijk van wat het dier nodig heeft.”

En last but not least, wat vindt Irene Rol van NML health?

“Vaccineren tegen kennelhoest? De keus is aan de eigenaar van de hond. Ik ben beslist niet tegen enten maar zie het liefst dat mensen een bewuste keus maken op basis van heldere informatie. Het is daarbij belangrijk om af te wegen hoe groot de infectiedruk is (veel honden bij elkaar) en hoe het staat met de gezondheid van de hond. Immers een fitte hond zal een verkoudheid zelf kunnen oplossen zonder dat er complicaties optreden. Eigenlijk draai ik het om, mijn denken is gebaseerd op gezondheidsleer. Hoe zorg ik dat mijn dieren gezond blijven, zodat ze een virusje of bacterie de baas kunnen? Wat vraag ik van mijn honden en hebben ze behalve goed voer ook nog iets extra’s nodig, zoals ondersteuning bij sporten en extra energie bij wisseling van de seizoenen?"

"Om een goede keuze te kunnen maken lees ik bijsluiters van medicatie en vaccins en dan met extra aandacht voor de bijwerkingen, interacties en de waarschuwingen. Er wordt gesteld dat de neusenting tegen kennelhoest geen bijwerkingen heeft, omdat het een verzwakt levend materiaal bevat en geen schadelijke hulpstoffen. Maar als door de vaccinatie in de neus, de hond de eerste paar weken een andere hond door niezen heftig kan besmetten, dan lijkt mij dat water naar de zee dragen. Als dan ook nog in de bijsluiter staat dat mensen met een zwak immuunsysteem- zoals baby’s en oudere of zieke mensen - 6 weken niet in contact mogen komen met een hond die de enting heeft gehad en dat het niet mag worden toegediend in combinatie met een antibioticum, dan gaan mijn haren al overeind. Hoeze een onschuldige vaccinatie? En helemaal voor jonge dieren: bij pups na overdosering openbaren zich juist aandoeningen van de voorste luchtwegen met inbegrip van oog- en neusuitvloeiing, pharyngitis, niezen en hoesten en dit kan tot vier weken aanhouden. Ik vind dat best heftig. Bovendien stelt een groot hondenpension dat kennelhoest maximaal één keer per jaar bij hen voorkomt."

"Het immuunsysteem reageert op een vaccinatie, dat is juist de bedoeling, maar het is helaas niet altijd alleen maar een versterking van het immuunsysteem. Er kunnen lokale reacties optreden, en ook op korte en langere termijn kunnen ziektes en bijwerkingen ontstaan. Daar is vooral bij mensen al veelvuldig onderzoek naar gedaan. Het wereldwijde onafhankelijke medische onderzoeksinstituut Cochrane kwam bijvoorbeeld tot de conclusie dat kinderen die met het BMR vaccin waren geënt, 4 tot 6 keer zoveel koortsstuipen kregen als kinderen die niet gevaccineerd waren. En de kans op niet-infectieuze meningitis was 14 keer zo hoog door de BMR injectie. Zo zijn er naar andere vaccins ook veel onderzoeken verricht met soortgelijke resultaten. Ik ben dus van mening dat je niet kan stellen dat een vaccinatie veilig is. Als een dier ziek is, een allergie heeft, een huidaandoening, of gewoon niet fit is adviseer ik NIET te enten.”

“Daarbij, als je meldingen van de vaccinproducenten nauwkeuriger leest dan zie je dat nieuwe gegevens niet worden gepresenteerd, de samenvattingen (het meest gelezen) niet overeenkomen met de inhoud van de studie en de bijwerkingen vaak van tafel  worden geveegd. Ondanks dat er in die gevallen wel schadevergoeding is betaald aan patiënten. De productie en verkoop van inentings- en reguliere geneesmiddelen -het gaat om miljarden en er is een enorme belangenverstrengeling – is een machtig instituut. Laten we vooral bewust blijven kiezen en de grote pharmaceuten kritisch volgen.”